Interview met Stijn Meuris en Piet De Pessemier

Interview|Foto: Christine Voets | Tekst: Bart Van den Bosch

Volgens de legende zou Neil Young in december 1985 met zijn tourbus gestrand zijn in Kermt. Vervolgens zou hij die bewuste winteravond een privé-concert gegeven hebben voor Stijn Meuris in zaal Kermeta in Kermt. Wij trokken naar Kermt om de ware toedracht van dit verhaal te achterhalen en troffen er de auteur Stijn Meuris en Neil Young-kenner en vertolker Piet De Pessemier aan. We kregen meer dan we hadden gehoopt, veel meer. Hieronder een samenvatting van anderhalf uur Neil Young talk. Merci Stijn en Piet!

Volgens jouw bijdrage in het boek ‘Neil Young en ik’ van Herman Verbeke heb jij Neil Young ontmoet in 1985. Toch wel een straf verhaal.

Het verhaal zelf bestaat al langer en was een opdracht van een bevriende organisatie uit Hasselt die voor Kerstvonk 2004 alternatieve kerstverhalen zocht. Ik kwam heel snel op een idee en achteraf zag het er akelig echt uit waardoor het leek alsof dit een echt gebeurd verhaal is.

Is dat een verzonnen verhaal?

Ja, daar is niks van waar maar ik heb het zo geschreven dat het super echt was met heel veel details. Het was een soort van compilatie van verschillende echt gebeurde verhalen. Zo speelde begin jaren tachtig The Birthday Party, de eerste groep van Nick Cave, in een klein zaaltje in Kuringen en was Lou Reed enkele jaren geleden in gitaarwinkel J & R in Hasselt. Zijn vrouw Laurie Anderson speelde die dag in Hasselt en hij had zin om mee te spelen maar had geen materiaal bij. Neil Young hoort voor mij bij de grote vijf, vandaar mijn keuze voor Neil Young in dit verhaal.

 Ik zou eigenlijk willen zijn zoals Neil maar durf dat niet, daar komt het op neer.

Wie staat er nog in jouw top vijf?

Voor mij zijn de grote vijf: Bruce Springsteen, Neil Young, Nick Cave, Joy Division en The Cure. Neil Young is zo iemand, samen met die andere vier, waarbij ik een soort van ingebouwd gen heb en er iets gebeurt met mij. Dat ‘iets’ is heel moeilijk te definiëren maar dat maakt dat deze artiesten in mijn top vijf staan. Ik ben wel niet de grote Neil Young-kenner. Daarom wou ik ex-Monza gitarist Piet De Pessemier uitnodigen. Hij kent het omvangrijke oeuvre van buiten en heeft het ook in de vingers  als gitarist van de Neil Young coverband Le Noise.

Welkom Piet en bedankt om naar Kermt te komen voor dit Neil Young gesprek. Wat maakt Neil Young zo bijzonder?

De Pessemier: Graag gedaan, voor Neil maak ik graag tijd. Neil Young is uniek, hij volgt volledig zijn muze en trekt zich van niets iets aan. Ik zou eigenlijk willen zijn zoals Neil maar durf dat niet, daar komt het op neer (lacht).

Meuris: Niemand heeft de songs van Neil Young. Neil Young is Neil Young, hij is mythisch, zijn muziek gaat ergens over en de teksten zijn enorm straf. Zijn repertoire bestaat uit verschillende periodes die allemaal even interessant zijn.

Wat doet hij anders dan andere muzikanten/groepen?

Meuris: Als hij aan een nieuwe plaat begint denkt hij daar niet te vaak over na. Wat volgens mij bewijst dat hij gewoon doet zonder te managen. Zijn ‘output productie’ is heel hoog. De ene keer valt dat naast de norm en de andere keer is dat er ‘boenk’ op. Dat vind ik wel een heel zuivere manier van muziek maken. Hij ziet dat als een natuurlijk proces. Hij is de Mauro Pawlowski van Canada (lacht).

De Pessemier: Muziek is als het maken van een foto bij hem. Daar gaan fantastische foto’s bij zijn en mindere. Dat is iets dat ik van hem geleerd heb. We trekken met Mad About Mountains vier dagen de studio in, spelen alles live en het is wat het is. Sinds ik dat doe voelt dat als een bevrijding. De nummers veranderen live, net zoals bij Neil, ook bij ons.

 Ik ben heel gevoelig voor klank en bij dit nummer klinkt de gitaar niet als een gitaar maar als een straaljager.

Wanneer ontdekten jullie Neil Young?

De Pessemier: Via ECI, de boekenclub mochten wij om de beurt iets kiezen. Ik koos uit de beperkte keuze cd’s Unplugged van Neil Young. Ik kende al wel Rockin’ In The Free World en Heart Of Gold maar lag daar nooit wakker van totdat ik deze cd ontdekte. Dankzij Neil Young kwam ik erachter dat je zo mag zingen en durfde ik ook zelf zingen. Mijn stem zat al in dat timbre, ik moet er geen moeite voor doen om zijn nummers te zingen.

Meuris: Rond mijn zestiende gingen we uit in Neerpelt en daar waren een aantal goede muziekcafés zoals De Blokhut en Den Drempel. Daar passeerde al wel eens Neil Young en Rockin’ In The Free World vond ik meteen een fantastisch nummer. Hey Hey, My My (Into The Black) vind ik ook zo’n  geweldig nummer. Ik ben heel gevoelig voor klank en bij dit nummer klinkt de gitaar niet als een gitaar maar als een straaljager. Er zit een soort agressie in waar ik enorm van houd.

 Dat is misschien niet zijn beste plaat maar wel mijn belangrijkste omdat die plaat de toegangsweg was naar het hele oeuvre van Neil Young.

Neil Young heeft met verschillende bezettingen platen opgenomen en opgetreden van solo akoestisch tot hevig elektrisch met Crazy Horse. Hoe horen jullie Neil Young het liefst?

Meuris: Sowieso elektrisch, ik moet daar niet over nadenken. Ik hou ontzettend van geraffineerd en mooi zoals Roxy Music of Kate Bush maar vreemd genoeg neig ik ook naar experimentele muziek à la Neil Young and Crazy Horse.

De Pessemier: Het hangt wat van mijn gemoed af maar de sound die hij samen met Crazy Horse creëert vind ik de max. Zeker nu ik met Le Noise speel en over mijn eigen ‘horses’ kan beschikken gaat mijn voorkeur naar Neil Young and Crazy Horse. Hij is niet enkel muzikant maar ook een uitvinder die van alles ontwikkelt. De apparatuur die op zijn podium staat heeft een betekenis, en staat daar niet zomaar.

Stijn, heb jij Le Noise al aan het werk gezien?

Meuris: Ik zeg dit nu niet omdat ik Piet en de rest van de groep goed ken maar die zijn werkelijk fantastisch. Ik heb ze nu vier keer gezien en ze hebben een soort inleving die mij en de rest van het publiek steeds raakt. Het meest indrukwekkend zijn ze als ze voluit gaan.

Wat is jullie favoriete plaat van Neil Young?

De Pessemier: Ik val altijd terug op twee platen. Op Everybody Knows This Is Nowhere nemen ze tien minuten tijd om op één à twee akkoorden te blijven soleren, geweldig. On The Beach vind ik ook zo’n super plaat. Nu kies ik voor deze twee platen maar als je me dat morgen vraagt kunnen het er weer andere zijn (lacht).

Meuris: Rust Never Sleeps, is bij momenten wel slordig maar met enorm veel energie gespeeld. Deze live plaat kwam voor mij op het juiste moment. Dat is misschien niet zijn beste plaat maar wel mijn belangrijkste omdat die plaat de toegangsweg was naar het hele oeuvre van Neil Young. Ook het artwork, die hoes met die grote versterkers was zo bizar dat dat mij onmiddellijk aantrok.

 Je hebt het gevoel dat je in een zetel zit, dat sleept een beetje, dat is de magie van Neil Young!

Neil Young heeft veel fans maar er zijn minstens evenveel muziekliefhebbers die niets hebben met Neil Young. Hebben jullie daar een verklaring voor?

Meuris: Ik snap heel goed waarom veel mensen niet van Neil Young houden. Ze horen iemand met een snerpende hoge stem die niet zo goed kan zingen. Bij zijn gitaarspel lijkt het wel alsof die niet kan spelen. Er zijn veel betere gitaristen maar die raken mij voor geen meter, terwijl Neil Young dat wel doet. Hij heeft een unieke gitaarstijl.

De Pessemier: Ja, absoluut, je hebt het gevoel dat je in een zetel zit, dat sleept een beetje, dat is de magie van Neil Young! Het is trouwens heel moeilijk om een goede laidback drummer te vinden. Toevallig, Jo (nvdr: drummer Jo Smeets) van The Noise heeft die laidback feel (lacht).

Tot slot: wat zijn jullie plannen nog de komende maanden?

De Pessemier: Ik ga samen met Gertjan Van Hellemont, Bjorn Eriksson, Guy Swinnen, Patrick Riguelle, Axl Peleman, Ron Reuman en Jan Hautekiet langs de Culturele Centra met ‘50 jaar Neil Young’. We hebben al enkele repetities gehad en dat ging heel vlot. Ik heb veel zin in deze tournee, dat is volledig mijn ding. De tournee start op 15 november in Overpelt. Op maandag 4 februari geef ik om 20u15 een lezing over Neil Young in de bibliotheek van Genk. Ik ga het dan vooral hebben over de versterkers en gitaren die hij gebruikt en ontwikkelt.

Meuris: Op 24 november begint het derde seizoen van Tirade. Ik heb momenteel zeventien try-outs gedaan. De eerste tien waren bij mensen thuis en nu zijn we bezig in kleine zalen. De laatste twee try-outs zijn met decor en licht. In tegenstelling tot met een band kan je dit niet echt repeteren, vandaar dat ik veel try-outs doe. Het is ook de eerste keer sinds lang dat ik niet met mijn muziek op het podium sta. Binnenkort start er wel de theatervoorstelling ‘Stijn in het hoofd van Hawking’ wat een combinatie zal zijn van lezing en muziek over het leven van Stephen Hawking en zijn theorieën, aangevuld met eigen nummers. In het voorjaar van 2020 ga ik waarschijnlijk terug beginnen met Noordkaap.

Daar kijken we alvast naar uit, bedankt Stijn en Piet voor dit fantastische gesprek over Neil Young.